lettergrootte Standaard lettergrootteGroot lettergrootte


Historie

De eerste jaren, CSV werd in mei 1928 opgericht. Men is in die lange tijd de preciese datum vergeten! Men weet niet meer of het nu 7, 8 of 10 mei was. Wel is zeker, dat in het Eigen Gebouw aan de Badhuiswal de oprichtingsvergadering onder leiding van Henk Boss werd gehouden. Men had toen 28 leden. De eerste clubvoorzitter was Tom Groeneveld. Het waren jongens van de gereformeerde jongelingsvereniging, onder meer geïnspireerd door de grote successen van stadgenoot ZAC met in haar midden de legendarische Bep Bakhuys.

In eigen kring moesten de jongens ook grote weerstanden overwinnen. De ouderen en de toenmalige kerkelijke leiders vonden het getrap tegen een bal maar niks. Men huldigde algemeen het principe: de oefening des lichaams is tot weinig nut, maar de oefening des geestes is tot alle nut! In de nu voorbij gegane jaren is er op dat punt onvoorstelbaar veel veranderd.

Tot 1940 is het een piepklein clubje gebleven, dat in de oorlogsjaren tot vrijwel niets ineen schrompelde. De Duitse bezetters nam de jongens hun veld af! En men heeft gedacht de zaak maar te laten ophouden. In 1946 heeft de trouwe kern de draad echter weer opgepakt en kon de club in de 2e klasse van de afdeling Zwolle starten. Het was evenwel nog steeds een vrij kleine club.

In de zestiger jaren begonnen de religieuze grenzen wat te vervagen en werd de club wat opener. Meteen begon zich een geleidelijke groei af te tekenen, die zich later scherper manifesteerde. Men kan stellen dat de successen van 1971 en 1976 mede door jongens van "buiten", dus niet kerkelijke kring, werden behaald. Zeer typerend, maar eigenlijk wel normatief voor de typische sfeer bij de club, is dat die jongens van niet-religieuze inslag, zich best thuisvoelden. Dat kwam mede, doordat ze zeer karaktervol de grondprincipes respecteerden. Bij de in het artikel "Historie - Zondagsrust" genoemde "tenniskwestie", waarbij nadrukkelijk de zondagsrust in het geding was, schaarden een aantal jongens "van buiten" zich achter de groep, die de zondagsrust ongemoeid wilden laten. Zij huldigden daarbij de stelregel, dat als je lid van een club wordt, je je moet voegen naar de op schrift gezette belangrijke principes.

In 1977, toen de gemeente CSV het mooie sportpark "Het Hooge Laar" gaf, kwam CSV in een jonge, kinderrijke wijk terecht. De club groeide stormachtig en kreeg de financiële wind, zoals overal, in de zeilen. Men kreeg na 1980 evenwel met de algemeen heersende economische crisis en bijbehorende kostenverzwaring te maken. Ook door het voortdurende spanningsveld tussen sfeer en prestatie werd het besturen van de club er niet eenvoudiger op. Toch is de harde kern van de club, geleidelijk aangevuld uit de rijen van nieuwe pupillen- en juniorenleiders en andere nieuwe leden, er in geslaagd de speciale, weldadig aandoende CSV-sfeer te bewaren.

CSV is groot geworden, maar heeft zijn sfeer en principes weten te handhaven.Over die laatste factor in het clubleven is al veel geschreven en gesproken. Men kan er niet zo makkelijk een sluitende verklaring voor geven. Maar ieder voelt zich, of het nu, wat de volksmond noemt "gewone" jongens en meisjes zijn of afgestudeerde bolleboffen, bij de club thuis. CSV telt zowel handenarbeiders, ambtenaren als middenstanders. Iedere club heeft zo zijn eigensoortige, typische, vaak moeilijk te verklaren sfeer. Bij vrijwel elke club selecteert de leengroep zich vanzelf tot een gemeenschap, die bij die club past.

Qua prestatie heeft de club, vóór 1940 spelend in de Christelijke Nederlandsche Voetbalbond, in de ogen van de grote jongens een soort onderafdeling, weinig potten kunnen breken. Eén keer, in 1935, is men kampioen geworden van de regio Zwolle. In een beslissingswedstrijd, om daarna mee te mogen doen aan de nacompetitie voor de landstitel van die bond, verloor CSV van het toen sterke Sparta Enschede met 7 - 4. Men speelde in die tijd achter "De Vrolijkheid", welk complex later moest wijken voor de Rijksweg naar het noorden.

Door de oorlogsomstandigheden berooid, zakte CSV af. Toen in 1940 de KNVB fuseerde met de christelijke en katholieke bonden, kwam CSV uit in de 2e klas van de Afdeling Zwolle. Men begon in 1946 weer op een weiland achter de Agnietenberg en kreeg korte tijd daarna een terrein op het gemeentelijk Sportpark, hetgeen nu door "De Hanze" wordt bespeeld.